
Fragility in Times of Fire is een tentoonstelling bij Loods6. De expositie verbeeldt een wereld na een grote brand. Hoe het vuur ontstond, wie ervoor verantwoordelijk was en waarom het zo vernietigend werd, blijft onuitgesproken. Wat centraal staat, is dat vormen van leven langzaam terugkeren. Deze wezens dragen sporen van wat hen is overkomen, maar blijven bestaan.
Ze herinneren niet alleen de brand zelf, maar ook de uitbuiting en onderdrukking die al lang vóór die verwoesting aanwezig waren. In hun zoektocht naar bescherming worden sommige van deze kwetsbare wezens zelf een schuilplaats. Ze veranderen in hybride entiteiten die zorg, veiligheid en onderdak bieden aan anderen. Langzaam groeien zij uit tot kleine monumenten, of Monushelterrrs, zoals Gluklya ze noemt: half schuilplaats, half monument, ontstaan vanuit een aarzelende maar hardnekkige hoop. Het zijn plekken waar nieuw leven kan ontstaan, terwijl geweld uit het verleden niet wordt vergeten.
De tentoonstelling wordt bevolkt door veerkrachtige vormen van leven, geïnspireerd op schimmels, mycelium en planten: organismen die vaak als eersten terugkeren nadat een landschap is verwoest. Tegelijkertijd roepen ze herinneringen op aan kleding en textiel die ooit menselijke lichamen beschermden en sierden. Samen verbeelden zij een andere voedingsbodem voor collectief leven, kennis en gedeelde betekenis.
Bron tekst: Loods6

Fragility in Times of Fire is een tentoonstelling bij Loods6. De expositie verbeeldt een wereld na een grote brand. Hoe het vuur ontstond, wie ervoor verantwoordelijk was en waarom het zo vernietigend werd, blijft onuitgesproken. Wat centraal staat, is dat vormen van leven langzaam terugkeren. Deze wezens dragen sporen van wat hen is overkomen, maar blijven bestaan.
Ze herinneren niet alleen de brand zelf, maar ook de uitbuiting en onderdrukking die al lang vóór die verwoesting aanwezig waren. In hun zoektocht naar bescherming worden sommige van deze kwetsbare wezens zelf een schuilplaats. Ze veranderen in hybride entiteiten die zorg, veiligheid en onderdak bieden aan anderen. Langzaam groeien zij uit tot kleine monumenten, of Monushelterrrs, zoals Gluklya ze noemt: half schuilplaats, half monument, ontstaan vanuit een aarzelende maar hardnekkige hoop. Het zijn plekken waar nieuw leven kan ontstaan, terwijl geweld uit het verleden niet wordt vergeten.
De tentoonstelling wordt bevolkt door veerkrachtige vormen van leven, geïnspireerd op schimmels, mycelium en planten: organismen die vaak als eersten terugkeren nadat een landschap is verwoest. Tegelijkertijd roepen ze herinneringen op aan kleding en textiel die ooit menselijke lichamen beschermden en sierden. Samen verbeelden zij een andere voedingsbodem voor collectief leven, kennis en gedeelde betekenis.
Bron tekst: Loods6


