Nighttime Culture Index ADE en VibeLab: 'Steden besturen nacht als economie in plaats van als cultuur'
Foto credits: Jasper ten Tusscher

Tijdens de jubileumeditie van 30 jaar Amsterdam Dance Event (ADE) wordt de allereerste Nighttime Culture Index (NCI) gelanceerd. Dit gezamenlijke initiatief van ADE en VibeLab, met onderzoek onder leiding van VibeLab en lokale coördinatoren in elke deelnemende stad, brengt de nachtcultuur in kaart van Amsterdam, Lagos, New York, São Paulo, Seoul en Sydney. De Index biedt een gemeenschappelijke kennisbasis voor een wereldwijd netwerk van nachtcultuur en dient als basis om vooruitgang en uitdagingen binnen lokale scènes op de lange termijn te monitoren.

De Index meet de nachtcultuur in deze steden aan de hand van zes onderzoekspijlers: Creative Ecology, Space & Infrastructure, Diversity & Representation, Community & Belonging, Policy & Civic Health en Sustainability & Environment. Deze dimensies omvatten samen 30 indicatoren, waaronder de omvang van culturele nachtactiviteiten, hoe veilig het nachtleven aanvoelt en voor wie, de financiële toegankelijkheid van nachtcultuur en hoe effectief steden hun nachtcultuur-ecosystemen ondersteunen en beschermen.

Het onderzoek combineerde deskresearch, diepte-interviews met experts, datacollecties, een publieksenquête en focusgroepen in de zes NCI-steden. Het onderzoeksteam analyseerde ruim 12.000 line-ups, beoordeelde meer dan 3.000 locaties en onderzocht bijna 30.000 niet-muzikale culturele evenementen. Daarnaast deden meer dan 700 respondenten mee aan de publieksenquête, namen 67 personen deel aan focusgroepen en werden 14 experts op het gebied van nachtcultuur geïnterviewd.

Belangrijkste bevindingen:

  • Een avond uit is in sommige steden aanzienlijk duurder dan in andere steden. Toegang tot een reguliere clubnacht kost in Sydney circa één uur werken tegen het minimumloon, vergeleken met negen uur in São Paulo en ongeveer 25 uur in Lagos, nog voordat drankjes of vervoer zijn meegerekend.
  • Vrouwen en genderdiverse artiesten beslaan minder dan een derde van de line-ups, en clubs worden nog altijd gerund door mannen. Vrouwelijke en genderdiverse artiesten vormen 27% tot 32% van de line-ups in de zes steden. Experts in vijf steden bestempelen de diversiteit onder clubeigenaren en in leidinggevende functies als ondermaats.
  • Steden benaderen de nacht als een economie in plaats van als cultuur. Steeds meer steden hebben een nachtburgemeester of nachtcommissie, waaronder Sydney, New York, Amsterdam en Seoul. Het beleid richt zich echter overwegend op bedrijvigheid, toerisme en omzet in plaats van culturele waarde.

Deelnemers aan het onderzoek in alle index-steden gaven aan dat de nachtcultuur springlevend is. Waar steden echter sterk in verschillen, zijn de schaalgrootte, de mate van beleidsondersteuning en de vraag wie er daadwerkelijk kan deelnemen.

Ondanks aanhoudende uitdagingen biedt de veerkracht van de nachtsector volop kansen om inclusievere kaders te ontwikkelen die de nachtcultuur beschermen en duurzame groei stimuleren.

“Achter de cijfers schuilt een nachtcultuur die floreert, zelfs nu de zakelijke context eromheen onder enorme druk staat. Uit crises ontstaan vaak de beste ideeën. Laten we de nachtcultuur de ruimte geven om te doen waar ze het beste in is: mensen samenbrengen.” – Mirik Milan, Co-Founder, VibeLab.

Een avond uit is in sommige steden aanzienlijk duurder dan in andere

De kosten om deel te nemen aan het nachtleven lopen tussen de zes steden extreem uiteen. Uitgedrukt in gewerkte uren op basis van het minimumloon kost een regulier clubticket in Sydney ongeveer één uur werk, in Amsterdam 1,3 uur, in Seoul 1,7 uur, in New York 1,8 uur, in São Paulo 9 uur en in Lagos circa 25 uur. Vervoer, consumpties en overige bijkomende kosten zijn hierbij buiten beschouwing gelaten.

Ook de fysieke infrastructuur van het nachtleven verschilt aanzienlijk. New York en Amsterdam tellen circa 50 specifieke muzieklocaties per miljoen inwoners, tegenover ongeveer 12 in Seoul, 7 in São Paulo en iets meer dan 1 in Lagos. De NCI benadrukt daarnaast het cruciale belang van informele, DIY- en publieke ruimtes: deze bieden opkomende artiesten en collectieven laagdrempelige plekken om te experimenteren wanneer traditionele clubs onbereikbaar of onbetaalbaar zijn.

“Er is geen nachtsector zonder nachtcultuur, en die cultuur kan alleen bestaan als mensen eraan kunnen deelnemen. Als een clubnacht in sommige steden een dagloon of meer kost, stelt dat ons allemaal een fundamentele vraag. Ook aan de sector zelf.”- Jan-Willem van de Ven, Managing Director, Amsterdam Dance Event.

Clubs fungeren als ‘safer space’, maar het veiligheidsgevoel op straat daalt scherp

In alle zes de steden geven respondenten aan zich op straat in uitgaansgebieden aanzienlijk minder veilig te voelen dan binnen in de clubs. Het contrast is bijzonder groot in São Paulo, waar 73% van de ondervraagden zich veilig voelt binnen een club, tegenover slechts 11% op straat. In Lagos liggen deze percentages op respectievelijk 74% en 20%.

Deze zorgen beïnvloeden direct of mensen überhaupt uitgaan: 84% van de respondenten in Lagos en 70% in São Paulo meed het afgelopen jaar bepaalde plekken of bleef zelfs helemaal thuis uit veiligheidsoverwegingen. Daarnaast leggen de uitkomsten aanzienlijke genderongelijkheden bloot.

Vrouwen en genderdiverse artiesten beslaan minder dan een derde van de line-ups; clubs worden nog altijd gerund door mannen

Vrouwelijke en genderdiverse artiesten maken tussen de 27% en 32% uit van de line-ups in de zes steden en worden gemiddeld voor minder evenementen geboekt. Zelfs waar artiesten, collectieven en operationeel personeel diverser zijn geworden, blijven clubs en podia overwegend in handen van mannen. Experts in vijf van de zes steden beoordelen de representatie van vrouwen, LHBTI+ personen en andere gemarginaliseerde groepen op het gebied van clubeigenaarschap en directiefuncties als ondermaats. De indicatoren voor diversiteit, zowel op het podium als backstage, vertonen opvallend weinig verschillen tussen de steden, wat aantoont dat er overal nog veel werk aan de winkel is.

Tegelijkertijd lopen grassroots-, alternatieve en queer-scènes vaak voorop in het creëren van inclusievere evenementen, safer spaces en nieuwe methoden voor het welzijn van bezoekers. Uit het onderzoek blijkt echter dat juist deze initiatieven kwetsbaar zijn wanneer stijgende kosten de budgetten onder druk zetten.

Steden besturen de nacht als een economie in plaats van als cultuur

Een groeiend aantal steden heeft inmiddels een speciaal nachtbureau of een officiële overheidsinstelling voor de nacht, waaronder Sydney, New York, Amsterdam en recentelijk ook Seoul. Het takenpakket is echter meestal primair economisch ingestoken, met de nadruk op ondernemerschap, toerisme en omzet. De Nachtcultuurvisie van de gemeente Amsterdam uit 2021 vormt hierop een uitzondering. Deelnemers in São Paulo en Seoul pleiten er met klem voor dat de nacht wordt benaderd als een wezenlijk onderdeel van het culturele leven, en niet uitsluitend als vraagstuk van economisch beleid of geluidsoverlast. Bovendien toont het rapport aan dat nachtbestuur geen exclusieve overheidstaak is: experts en deelnemers roepen clubeigenaren en artiesten op om zich nadrukkelijker te laten horen in het gemeentelijk beleid, en pleiten voor meer onderlinge samenwerking, solidariteit en het delen van middelen binnen de scènes.

De Nighttime Culture Index biedt steden, beleidsmakers, culturele instellingen en de muziekindustrie een gezamenlijk fundament om de nachtcultuur en haar uitdagingen beter te begrijpen en gericht in actie te komen.

“Wat ik het meest waardeer aan het NCI-dashboard zijn de verhalen die we ermee kunnen vertellen. Achter elke indicator schuilen echte mensen: het collectief dat een feest organiseert in een geleende ruimte, de organisator die tekorten uit eigen zak bijlegt, de artiest die vanaf nul een community opbouwt, en de performer die experimenteert met kunst die in geen enkel hokje past. Deze data stelt ons in staat hen zichtbaar te maken, hun ervaringen binnen hun stad te begrijpen en hun stem te laten horen op de plekken waar beslissingen worden genomen.” – Jane Slingo, Director Asia Pacific, VibeLab